Author: Jesper (page 5 of 15)

Jesper Langbroek (1996) is sportjournalist en publiceerde over voetbal in onder andere het AD en Voetbal International. In 2019 reisde hij door Latijns-Amerika van stadion naar stadion en deed hij verslag van de Copa América in Brazilië. In 2021 publiceerde Langbroek het boek ‘2002: De Europese helden van Feyenoord’.

Interview met Jasper Cillessen over transfer naar FC Barcelona (GOAL!)

Jasper Cillessen speelt dit seizoen met FC Barcelona in de Champions League. HIj is dolblij dat hij met Luis Suárez en Lionel Messi mag voetballen. Aan GOAL! vertelt de keeper van Oranje alles over zijn transfer. (Augustus 2016)

Hoe is de overstap naar Barcelona in gang gezet?

“Ik geloofde eerst niet dat de club me wilde hebben. Vorig seizoen was niet mijn beste jaar. Daarom was het een verrassing dat Barcelona zich meldde. Het is een beetje Ajax in het groot. Een mooie vervolgstap. De eerste indruk was meteen goed.”

Vond je het jammer dat je Ajax moest verlaten?

“Ik ben gezegend met mijn tijd bij Ajax. Ik heb veel prijzen gewonnen. De supporters verkozen mij de afgelopen twee jaar ook nog tot Ajacied van het Jaar. Dat is heel bijzonder. Maar de kans om bij Barcelona te spelen, wilde ik niet laten lopen. Het is altijd al een speciale club geweest. Gelukkig gunde Ajax mij dat ook.”

Ga je ook genieten van de stad Barcelona en het mooie weer?
“Ik ga er niet heen als toerist. Mijn doel is om te voetballen. Niet van het fantastische leven genieten. Ik ben op er mijn elfde geweest met mijn ouders. Ik weet dus hoe het eruit ziet. Ook het stadion Camp Nou ken ik al. Ik heb er met Ajax twee keer gespeeld in de Champions League. Een groot stadion met een geweldige sfeer. Dat hoop ik vaak mee te maken.”

Kijk je ernaar uit om met Luis Suárez en Lionel Messi te spelen?

“Dat is alleen maar leuk natuurlijk. Luis spreekt gelukkig nog een beetje Nederlands. Hij was net weg bij Ajax toen ik kwam. Met Messi praten is lastig. Mijn Spaans is nog niet zo goed. Ik had hem al eens ontmoet. Tijdens het WK in Brazilië liep ik hem omver. Daar hebben we om gelachen. Messi blijft een indrukwekkende voetballer, maar hij is gewoon een ploeggenoot van me. Zoals Wesley Sneijder, Robin van Persie en Arjen Robben dat bij Oranje zijn.”

Met het Nederlands elftal moest je deze zomer het EK missen. Hoe heb je dat beleefd?
“Zoals iedere Nederlandse voetballiefhebber met een vervelend gevoel. Ik ben bewust ver weg op vakantie gegaan. Zodat ik de wedstrijden niet kon zien. Eerst naar Curaçao met mijn neef en daarna naar Mexico met mijn vriendin. Mijn keepershandschoenen had ik niet mee. Wel een balletje voor bij het zwembad.”

Het is niet zeker of je bij Oranje eerste keeper blijft. Dat moet vervelend zijn.

“Ik moet zelf laten zien dat ik goed genoeg ben. Ook straks bij Barcelona. Die drang is er altijd. Het is lastig om reserve te zijn, nadat ik 3 jaar eerste keeper was. Maar de keuze is nog niet bepaald. Als ik mijn niveau haal, heb ik er vertrouwen in dat ik terugkeer onder de lat.”

Ook bij Barcelona is het maar de vraag of je veel gaat spelen. Hoe ga je de concurrentiestrijd met Marc-André ter Stegen aan?

“Concurrentiestrijd vind ik een vies woord. Uiteindelijk speel je samen. Ter Stegen is een fantastische keeper, maar ik ga erheen om te spelen. Ik ga me niet neerleggen bij een plek op de bank. Ik wil de beste Jasper Cillessen laten zien. Ik heb rugnummer 13, maar ik geloof niet in ongeluk. Ik wil het mijn geluksnummer maken.”

Hoe is het om te kunnen zeggen dat je bij een van de grootste clubs ter wereld speelt?

“Ik ben vrij nuchter, maar het is wel genieten. Mijn familie en het dorp waar ik vandaan kom, zijn enorm trots. Barcelona is niet zomaar een club. Het team van toen ik 12 jaar was, ken ik nog uit mijn hoofd. Patrick Kluivert, Frank de Boer, Phillip Cocu, Marc Overmars en nog veel meer Nederlanders. Ik wil mijn eigen geschiedenis schrijven. Hopelijk word ik snel eerste keeper. Kom maar op. Ik kan nog wel tien jaar mee. Als ik dat bij Barcelona kan doen, ben ik erg tevreden.”

 

Share
Sticky post

Afscheidsinterview Stegeman: “Ik koester alleen maar hoogtepunten bij Heracles Almelo”

John Stegeman neemt na tien jaar afscheid van Heracles Almelo. In de zes jaar dat hij als assistent-trainer en hoofdtrainer bij de club werkte, heeft hij veel mooie herinneringen opgebouwd. In een monoloog vertelt Stegman hoe hij de jaren heeft beleefd.

‘Na de laatste thuiswedstrijd tegen FC Utrecht werd ik overvallen door emoties. Je gaat nadenken en beseft dat je familie en vrienden op de tribune zitten. Ze komen speciaal voor jou naar je laatste thuiswedstrijd kijken. Mijn zoon Joost is geboren op de dag voordat ik hier aan de slag ging. Hij is een Heracles-kindje en weet niet anders dan dat papa bij Heracles werkt. Thijs is anderhalf jaar ouder en is ook fan van de club. Inmiddels kan ik zeggen dat ik zwart-wit bloed heb gekregen. De tien jaren bij de club zijn voor mij een cruciale periode in mijn leven geweest.’

Peter Bosz als een mentor

‘In 2002 ben ik binnengekomen als speler. Wat mij daarvan is bijgebleven, is de manier waarop mensen met elkaar omgaan. Iedereen is vriendelijk en de club is een eenheid. De mentaliteit van ‘doe maar normaal, dan doe je gek genoeg’ ging gepaard met prima resultaten. In die tijd maakte ik al kennis met de bevlogen voorzitter Jan Smit, maar als speler had ik minder met hem te maken dan later als trainer.

Toen ik zes jaar later door Hendrie Krüzen werd gebeld met het bericht dat Heracles een assistent-trainer zocht, ben ik teruggekomen. Ze wilden iemand met een verleden bij de club, die handig was met video’s en de spitsen kon trainen. Gert Heerkes was hoofdtrainer en ik schoof naast hem, Hendrie en René Kolmschot aan op de bank. Later werkte ik onder Gertjan Verbeek, Peter Bosz en Jan de Jonge. Ik heb de nodige vlieruren gemaakt en verschillende indrukken meegepakt.

Read more

Share

Technisch manager Fledderus: “Ik zie een onderhandeling als een wedstrijd”

Mark-Jan Fledderus stond bekend als een voetballer met een enorme winnaarsmentaliteit. In zijn nieuwe functie als technisch manager van Heracles Almelo neemt hij diezelfde instelling mee naar de onderhandelingstafel. ‘Ik wil het beste voor de club.’ (mei 2018)

Hoe is de overstap van het veld naar het kantoor bevallen?

Het verschil is groot, maar ik ben nu bijna drie maanden zelfstandig aan de slag en ik voel me op mijn plek. Als speler ben je vooral bezig om in het weekend te presteren. Nu heb je met andere krachtvelden te maken. Je denkt over veel meer zaken na. Daarin ben ik minder ervaren, maar ik ben ambitieus en bereid om hard te werken.

Hoe zag de voorbereiding op jouw nieuwe baan eruit?

In het spoor van Nico-Jan heb ik gedurende acht maanden bij al zijn afspraken en overleggen gezeten. Daarnaast heb ik me verdiept in Heracles Almelo als club. Ik heb met alle mensen van het personeel gesproken om te inventariseren wat iedereen doet en om beter kennis te maken.

Ik heb in mijn laatste jaar als speler de trainerscursus gevolgd (TC3) en eerder had ik al een HBO-studie Commerciële Economie afgerond. Daar heb ik onlangs een management cursus bij de KNVB aan toegevoegd, toegespitst op Heracles Almelo. Door te leren over alle krachten rond een Betaald Voetbal Organisatie, zoals stakeholders, marketing en het technische beleid, heb ik een helikopter view gekregen. Alle zaken zijn verbonden en hebben invloed op elkaar. Uiteindelijk vormt het één club.

Wat is het grootste verschil vergeleken met je tijd als speler?

Vooral de onregelmatigheid van het werk. Als voetballer leef je heel gestructureerd. Je eet gezond en op vaste tijden. Daar moet ik nu op letten. Ik heb veel afspraken buiten de deur en daar zit vaak een etentje bij. Fit blijven is belangrijk om dit werk goed te doen. Het zijn lange dagen en er gebeurt veel. Dit werk houdt je de hele dag bezig. De telefoon gaat ook als ik ’s avonds thuis op de bank lig.

Read more

Share

Wout Weghorst heeft zijn streken nodig (juni 2015)

Aan het begin van het seizoen maakten we in de tweede uitgave van Frens kennis met Wout Weghorst. De 23-jarige aanvaller kwam over van FC Emmen en beleefde afgelopen seizoen zijn eerste jaar in de Eredivisie. Met acht goals en acht assists kent Weghorst geen slechte statistieken, maar de meningen over de spits zijn verdeeld. Met zijn uitgesproken persoonlijkheid is hij een opvallende verschijning in het zwart witte tenue en dat heeft zowel lof als kritiek tot gevolg. Tijd voor een tweede ontmoeting met de spits van Heracles. (juni 2015)

Heb je moeite gehad om te wennen aan het niveau van de Eredivisie?

‘Nee eigenlijk niet. Het is vrij soepel gegaan. Ik ben goed opgenomen in de groep en ik voelde me gelijk thuis. Ik heb het vertrouwen vanaf het begin gevoeld en de voorbereiding verliep ook goed. Ik ging automatisch mee in het niveau. Qua speeltijd is het misschien sneller gegaan dan ik had gedacht, maar je weet van te voren natuurlijk niet hoe snel je aanhaakt. De faciliteiten van Heracles zijn beter dan bij Emmen. Daardoor heb ik grote stappen gemaakt in mijn ontwikkeling. Met name op het gebied van krachttraining heb ik veel gedaan. Richard van Beek heeft mij daarin uitstekend begeleid. We hebben veel één op één getraind en aandacht besteed aan mijn voeding. Daar heb ik veel aan gehad. Ik kan echt merken dat ik dit jaar sterker ben geworden. Je moet het natuurlijk zelf doen, maar met goede begeleiding gaat het niet iets sneller. Ik ging er dit seizoen voor om het maximale eruit te halen en het zo goed mogelijk te doen. Dat is aardig gelukt. Zoals ik in het vorige interview in Frens zei, was mijn doel om eerste spits te worden. Dat is op z’n zachts gezegd ook aardig gelukt.’

Halverwege het seizoen sprak je de doelstelling uit om meer dan tien goals te scoren. Dat is met een totaal van acht doelpunten niet gelukt.

‘In de winterstop stond de teller op vijf. Dit wilde ik graag in de tweede seizoenshelft herhalen. Dan zou ik in de dubbele cijfers komen. Dat was mooi geweest, maar dat is helaas niet gelukt. Vooraf aan het seizoen wilde ik er meer dan vijf maken, maar toen ik eenmaal ging spelen heb ik dat snel bijgesteld. Dat geeft al aan dat het voorspoedig is verlopen. In totaal heb ik een belangrijke bijdrage geleverd dit seizoen. Acht assists is ook een mooi aantal denk ik.’

Ben je tevreden als je die statistieken zo op een rijtje zet?

‘Ik had van mijzelf in de tweede seizoenshelft wel wat meer doelpunten willen zien, maar het is niet zo dat ik erg veel kansen om zeep heb geholpen. Ik ben een speler die heel afhankelijk is van de voorzetten van medespelers. Het blijft moeilijk om te zeggen of acht goals voldoende is, maar ik had er wel meer willen maken.’

Heracles speelt regelmatig met twee flankspelers die graag naar binnen trekken, is dat een nadeel voor jou?

‘We spelen zelden met echte klassieke buitenspelers. Bryan Linssen en Brahim Darri hebben natuurlijk bepaalde kwaliteiten waar je als elftal ook profijt van hebt. Als spits rendeer ik het best met een rechtspoot op rechts en een linkspoot op links, maar ik begrijp de keuzes van de trainer. Iedere spits zou blij zijn als de tactiek op heb wordt afgestemd, maar we spelen zoals we spelen en volgens mij gaat de samenwerking met de andere spelers prima.’

De meningen onder de supporters over jou zijn verdeeld. De één ziet in jou de nieuwe Bas Dost, maar de ander wijst op het ontbreken van echte concurrentie voor de spitspositie en vindt dat je vervelende trekjes vertoond.

‘De geluiden hoor ik zelf ook, maar daar trek ik me niet zo veel van aan. In het begin deed ik dat nog wel, maar op een gegeven moment ben ik me daarvan gaan afzonderen. Ik weet wat er van me gevraagd wordt en wat de trainer van me wil zien. Ik weet wat ik kan en niet kan. Ik ben er ook van overtuigd dat ik niet zomaar speel. Er waren heus wel andere opties. Het is niet zo dat ik de enige optie ben. Als ik niet goed genoeg was, had ik zonder twijfel niet gespeeld. Wat mensen daar verder van vinden, interesseert me niet zoveel eerlijk gezegd. Die meningen houd je toch.’

Read more

Share